Eventjes thuiskomen bij De Nomaad

Een stralend zonnige Kerstdag is het. Met enkele Conscious Crewers maken we soep voor het kerstdiner van de winterbar voor daklozen aan Park Spoor Oost. De voorbije weken zamelden we ook mutsen en sjaals in, voor de winter die eigenlijk nog moet komen. Tijdens het afwerken van de soep maken we kennis met enkele vrijwilligers van De Nomaad. Ze komen er helpen via Bureau Aktief, een project dat (ex)-verslaafden opnieuw structuur, zelfrespect en autonomie wil geven door hen via korte opdrachtjes en bijhorende vergoeding tewerk te stellen. Ze poetsen kerken, maken soep, prepareren croque-monsieurs en bouwen in normale tijden evenementen op.

Op Kerstdag keuren ze onze soep op zout- en pepergehalte en leren ze ons werken met de megamixer. Maar vooral brengen ze ons aan het lachen met hun enthousiaste gebabbel.

Wegens een werkloze periode besluit ik me in te zetten als vaste vrijwilliger. Bijna dagelijks werk ik samen met andere vrijwilligers, ervaringsdeskundigen en vaste medewerkers achter de bar. Die is open van 14u tot 19u. Er is gratis koffie, thee en soep. Met wat geluk ook kaastaart, koffiekoeken of andere lekkere overschotten van de bakker. Altijd is er muziek en kunnen mensen zich opwarmen in de tent. Elke zondag maakt vrijwilligster Lies een warme maaltijd. Al snel ken ik de helft van de gasten – zoals het personeel ze zo liefdevol noemt – bij naam en hoor ik heftige verhalen. Iemand wordt voor de 14e keer opgenomen voor zijn alcoholverslaving, iemand anders verloor na relatiebreuk een som geld, belandde zo in een klein appartementje en raakte dan verslaafd aan drank & drugs. Na twee maanden zijn alle schulden afbetaald en kan hij, als de horeca terug open is, weer beginnen werken als kok, wat hij zo lang deed. Nog iemand kreeg zijn technische werkloosheidsuitkering niet op tijd en had geen reserve om de huishuur door te betalen. Ik ontmoet ex-soldaten, ex-toptennissers en ex-dj’s van Cherrymoon. Ik luister en lach, maak croques met ketchup in hartjesvorm, help formulieren invullen en leer een Antwerpen kennen dat tot nu toe geen gezicht had. Mijn hart breekt als ik ’s avonds laat in mijn eigen wijk een van de gasten uit een vuilzak een appel zie halen of als ik hoor dat iemand in de sneeuwweek om 4u ‘s nachts wat is gaan fietsen om toch een beetje warm te blijven.  Als ik tegenwoordig ga joggen ben ik een halve straathoekwerker: dag Danny, dag Pol, dag Pjotr, dag Nordin. Plots zie ik ze overal, en altijd vragen ze ‘alles goed Lotte?’. Velen slapen in de nachtopvang, en overdag gaan ze van het ene inloopcentrum naar het andere, want de openingsuren zijn op elkaar afgestemd. Hun benen zijn doodmoe, maar hun hoofden ook. Sommigen hebben psychoses en angsten, de meesten hebben vooral nood aan een babbel en rust.

Het ontroert me hoe ze elkaar helpen: als er iemand een appartementje kan bemachtigen, krijgen anderen er ook even onderdak. Een doorwinterde dakloze neemt altijd nog extra eten mee om uit te delen aan de anderen die in het station zitten.

Midden februari heb ik opnieuw werk en neem ik met spijt in mijn hart afscheid. Ik maak voor de gelegenheid en Valentijnsplaylist en schenk de soep met extra veel liefde. Gelukkig kan ik op zondag nog regelmatig langs gaan. Dan zijn er wel tot 180 gasten. Binnenkort gaan we met hen macraméplantenhangers maken om de tent op te fleuren. Die staat er nog twee jaar. Daarna komt er een echt gebouw, gefinancierd door de stad.

Lotte Van Boxem

Deel deze post met je vrienden

SCHRIJF JE HIER IN OP ONZE NIEUWSBRIEF!

SCHRIJF JE HIER IN OP ONZE NIEUWSBRIEF!

SCHRIJF JE HIER IN OP ONZE NIEUWSBRIEF!